CFO Noud Tillemans maakt met Fairphone duurzame telefoons. Door dit winstgevend te doen laat hij de industrie zien dat je ook met eerlijke productieketens en goede arbeidsomstandigheden succesvol kan ondernemen. En er komt een moment dat zo’n goed voorbeeld doet volgen.

Het Dutch Good Growth Fund (DGGF) van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland helpt Fairphone hierbij. Dat doen ze met financiering. In deze podcast is Noud te gast, samen met senior investment manager Tim van Galen van het DGGF.

Ze vertellen alles over het internationale ondernemersverhaal van Fairphone en de missie van de Nederlandse overheid om samen met het bedrijfsleven een duurzamere toekomst te realiseren. Presentatie: Folkert Tempelman.

Deze podcast maken we samen met de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Wil je meer weten over de mogelijkheden van de RVO en het Dutch Good Growth Fund -waarmee Noud met Fairphone zijn werkkapitaal veiligstelde- check dan hun site: rvo.nl/dggf.

Reageer via de socials van Grenzeloos Ondernemen, deel de podcast in je netwerk en abonneer je in je eigen favoriete podcast app op Grenzeloos Ondernemen.

www.rvo.nl/subsidies-regelingen/dutch-good-growth-fund-dggf
www.rvo.nl/subsidie-en-financieringswijzer/dutch-trade-and-investment-fund-dtif
www.rvo.nl/onderwerpen/interntionaal-ondernemen
www.fairphone.com/nl/story/

Transcriptie Fairphone podcast

Noud: Ik ben Noud Tillemans. Ik ben CFO bij Fairphone.

Tim: En ik ben Tim van Galen, senior and investment manager bij het Dutch Good Growth Fund.

Folkert: Hoe kennen jullie elkaar dan, Tim?

Tim: Noud is mijn klant eigenlijk, zou ik kunnen zeggen. We hebben een garantie verstrekt op een lening aan Fairphone.

Folkert: En dat noem je dan een klant of een cliënt, of is dat hetzelfde?

Tim: Ja, ik zou zeggen de klant.

Folkert: Ervaar jij dat ook zo, Noud?

Noud: Ik zou het niet als klant omschrijven. Het is wel zo maar ik voel me uiteindelijk vooral geholpen door Tim.

Folkert: Laten we het even over Fairphone hebben. Want we zijn nu in het kantoor van Fairphone in Amsterdam, een hele mooie, nieuwe plek. Jullie zitten hier sinds kort. Wat is Fairphone?

Noud: Fairphone is heel letterlijk een eerlijke telefoon. Ik kan het niet makkelijker maken dan dat. Fairphone wilt echt laten zien aan de industrie dat je een hele mooie, eerlijke en duurzame telefoon kan ontwikkelen.

Folkert: Hoe uniek is dat?

Noud: Zeer uniek. Fairphone is eigenlijk de enige echte telefoon wereldwijd die zowel eerlijk is richting de mens als richting de planeet. En dat doen we heel breed dus vanuit materialen die gesourced worden in mijnen. En eerlijke omstandigheden daar voor de mensen. Eerlijke omstandigheden voor de mensen in de fabrieken die de telefoon in elkaar zetten, in China bijvoorbeeld. Maar ook dus een modulaire telefoon zodat die te repareren is waardoor je een hele lage CO2 footprint hebt. Dus hoe langer een telefoon meegaat, hoe beter dat is voor het milieu. En onze telefoon is een van de weinige telefoons wereldwijd die je kan repareren in display, batterij en de camera kan vervangen of repareren, je telefoon langer meegaat. De Fairphone 2, onze vorige model, was onze eerste modulaire telefoon wereldwijd. Dus er zijn weinig telefoons die ons dat nadoen. Als je kijkt naar een Samsung of een iPhone, die zit helemaal dichtgelijmd. En zij houden zich vooral bezig om de telefoon niet te lang mee te laten gaan want ze willen dat je juist weer snel een nieuwe koopt. En bij ons is dat juist andersom. Wij zorgen dat die wel repareerbaar is zodat je hem vijf jaar of langer kan houden. En daardoor heb je minder impact met je aankoop van je telefoon op het milieu.

Folkert: Blijft het dan nog wel een goed business model? Want dan snij je jezelf misschien in de vingers.

Noud: Ja, voor ons wel. Omdat er worden honderden miljoenen telefoons wereldwijd per jaar verkocht. Daar zijn we nog niet qua volumes dus er zijn nog genoeg telefoons te verkopen. Maar inderdaad het businessmodel van Samsung en Apple is om zoveel mogelijk en zo snel mogelijk te verkopen. Wij hebben een ander business model. Dus in theorie bijt elkaar dat. Maar onze volumes zijn nog zo klein dat voordat wij iedereen aan een Fairphone hebben, kunnen we nog wel even verder.

Folkert: Kan je een beeld schetsen hoe ver Fairphone is, hoeveel telefoons jullie maken en verkopen?

Noud: Afgelopen jaar hebben we ongeveer 100.000 telefoons verkocht. De laatste drie jaar zijn we verdubbeld, dus het waren er 25.000, toen 50.000 en afgelopen jaar 100.000. Dus dat is best wel aardig. Maar echt wel een druppel op een gloeiende plaat als je ziet de honderden miljoenen aantallen die wereldwijd worden verkocht per jaar.

Folkert: Ja, en dan heb je het misschien over iPhones en Samsungs en Huawei’s en weet ik het allemaal.

Noud: Ja.

Folkert: Jullie doen het structureel anders dan de bedrijven die ik noem. Waarom kan dat?

Noud: Wij kunnen het anders doen omdat er uiteindelijk een consument is die bereid is om ook te betalen en iets meer te betalen dan voor een andere telefoon, voor een telefoon die eerlijk is voor mens en planeet. Wij worden gedragen door onze klanten. En onze klanten die horen ons verhaal en die zien ook hoe telefoons gemaakt worden, wat voor materialen erin gaan en in wat voor omstandigheden die materialen worden gedolven en die telefoons in elkaar worden gezet et cetera. Die zijn fan, die vinden wat Fairphone doet mooi. En zij steunen de missie en zijn bereid om een Fairphone te kopen en daar soms iets meer voor te betalen dan voor een vergelijkbare telefoon. En omdat zij dat willen, hebben we bestaansrecht.

Folkert: Bas van Abel is de oprichter van Fairphone. Die is nu andere dingen aan het doen, die zit niet meer bij het bedrijf zover ik weet. Hoe leeft zijn ondernemersspirit nog binnen Fairphone?

Noud: Hij is er zeker nog wel betrokken bij het ondernemen. Hij zit bij de raad van commissaris, zoals dat heel deftig heet. En hij werkt ook gewoon nog met ons mee. Dus het is nog zeker een collega. Maar hij heeft inderdaad ooit Fairphone gestart met een crowdfunding campagne.

Folkert: In 2013, toch?

Noud: Ja, en toen is het gestart met een crowdfunding campagne om telefoons voor te verkopen met de belofte dat het een eerlijke telefoon is. Je weet nog niet hoe die eruit komt te zien maar je weet wel dat de metalen en mineralen die in die telefoon gaan, gaan wij sourcen op een eerlijke manier. Wij gaan aandacht schenken aan de mensen in de mijnen die goud delven, kobalt, lithium en noem maar op. En die mensen hebben nu erbarmelijke omstandigheden, wij gaan het voor die mensen beter regelen. En steun ons door een telefoon te kopen. Er zijn er echt 25.000 en meer van voor verkocht. Toen stond er geld op de rekening maar was er nog geen telefoon. Maar dat was al meteen een gigantisch bewijs dat er heel veel vraag is voor een goed en eerlijk product. En dat mensen dus zelfs zonder het zien van de telefoon al bereid zijn om daar geld voor over te maken. Dus dat was eigenlijk een fantastische start voor Fairphone. En daar is hij in 2013 mee begonnen.

Folkert: Neem ons eens mee in vogelvlucht, hoe is het bedrijf gegroeid in die jaren?

Noud: Het is een behoorlijke rollercoaster geweest. Ik had het net over de Fairphone 2, het begon ooit met de Fairphone 1 en we verkopen op dit moment de Fairphone 3. En iedere telefoon heeft zijn eigen verhaal. De eerste telefoon was een voor verkochte telefoon met een aantal mineralen die eerlijk werden gesourced. De Fairphone 2 is de eerste modulaire telefoon wereldwijd. Maar daar kunnen we ook wel eerlijk in zijn, het was niet per se het beste product. Er ging best wel wat stuk en de consument moest wel wat geduld hebben met ons. Dus je ziet ook een ontzettende ontwikkeling aan de technologische kant, dat ook ieder product van ons weer beter is. Dus de Fairphone 3 is technisch gewoon een veel beter product. En als je kijkt naar de field failure rates, om er een term in te gooien, hoeveel telefoons gaan er stuk. Dan is op dit moment een factor 10 beter dan met de vorige telefoon was. Dus dat is wel bijzonder. Dus zo groeien we maar we groeien ook internationaal.

Folkert: Ja, want jullie zijn actief in 15 landen en 80 medewerkers uit 20 landen. En meer dan 100.000 eerlijke telefoongebruikers heb ik hier in mijn lijstje staan, klopt dat?

Noud: Ja, iets meer medewerkers zelfs. We hebben er ongeveer 85 in Amsterdam, we hebben er ook tien in Taipei en ook een stuk of drie in China. We verkopen in Europa in ongeveer vijftien landen.

Folkert: Voel jij je wat dat betreft ook een internationale ondernemer?

Noud: Jazeker! Ik zit iedere dag aan de telefoon met of Taiwan of China. En Duitsland is onze grootste markt, 40% van onze sales komt uit Duitsland. Dus je kan wel zeggen dat wij ons een internationale ondernemer voelen. Een ondernemer die zegt maar je bent in loondienst bij Fairphone, hoe kan jij je een ondernemer noemen.

Folkert: Ja, leg eens uit.

Noud: Dat is de scale up omgeving. We zijn eigenlijk een start up/scale up. Daar is het iedere dag zo’n rollercoaster dat ik mezelf wel een ondernemer durf te noemen.

Folkert: Wat is de impact van corona tot nu toe geweest op Fairphone?

Noud: Ja, toch wel groot. Met name aan de winkel kant. Dus er zijn heel veel winkels dicht geweest. En wij verkopen de helft van onze telefoons via de website en de andere helft gaat via partners, bijvoorbeeld de Belsimpel. Als die dicht is dan verkopen ze niks en dan kopen ze ook niks bij ons. Dus we hadden best wel een harde dreun op sales. En ook de andere consumenten die normaal via de website kopen, die hadden ook wat minder geld te besteden en iedereen ging meer op zijn spaargeld zitten. Dus de vraag was wel echt een probleem, dat was eigenlijk het grootste probleem. En het tweede probleem is de waardeketen, dat je eigenlijk door de hele waardeketen heen internationaal heel veel druk ziet op materialen die beschikbaar zijn. En ook fabrieken die gesloten zijn vanwege corona. Dus het is nog steeds vandaag de dag heel moeilijk om aan bepaalde materialen te komen.

Folkert: Ja, de chips waar iedereen het over heeft.

Noud: De chips ook. In een telefoon gaan ongeveer 400 componenten in en als je er eentje mist dan heb je geen telefoon. Het is een hele complexe waardeketen om tot een telefoon te komen. Dus er hoeft maar een klein dingetje mis te gaan en dan heb je geen telefoon.

Folkert: Redden jullie het wel? Want jullie zitten in een mooi, nieuw pand hier in Amsterdam, net verhuisd.

Noud: Ja, we redden het zeker. We hebben vorig jaar voor het eerst winst gemaakt als Fairphone. Niet voor het eerst in de historie want helemaal in het begin in 2013 lukte ons dat ook. Daarna hebben we wel heel veel investeringen gedaan in nieuwe telefoons en producten in de onderneming. Maar afgelopen jaar hebben we met die 100.000 weer de winst aangetikt. En dat was wel in een corona jaar een enorme mijlpaal voor ons. Nu hebben we het wel even pittig, want ik moet zeggen, 2021 is misschien wel zwaarder geraakt door corona dan 2020. Vooral omdat het nu vanaf januari tot en met april wel pittig was. Maar op dit moment gaat het weer goed, de winkels zijn weer open, de sales nemen weer toe. Dus we gaan het zeker redden.

Folkert: Het is ooit begonnen met crowdfunding vertelde je net. Hoe hebben jullie de groei van Fairphone gefinancierd?

Noud: Ja, vooral met equity. Dan ga ik ook langzaam een bruggetje maken naar Tim inderdaad. Die heeft er ook een rol in gespeeld.

Folkert: Die zit hier ook nog steeds aan tafel.

Noud: Jazeker, uiteindelijk is Fairphone gestart met die crowdfunding actie en we hebben natuurlijk ook gewoon aandeelhouders. En dat zijn met name impact investors en zoals je noemt high network individuals. Dus mensen die heel graag Fairphone willen steunen in hun missie en daar ook in willen investeren. We hebben niet alleen via de crowd telefoons ooit verkocht maar we hebben ook geld opgehaald en geleend vanuit de crowd. Dus we hebben ook crowdfunders, zoals dat heet. En uiteindelijk hebben we vanuit verschillende bronnen geld gekregen. Maar uiteindelijk speelt onze bank, de ABN AMRO, een belangrijke rol. En daarmee ook RVO en DGGF die ons ondersteunen in het aantrekken van schuldfinanciering maar vooral van faciliteiten die wij hebben bij de bank. En daar speelt DGGF een grote rol in om ABN AMRO over de streep te trekken om al die faciliteiten aan ons te bieden.

Folkert: Kijk, dat mag je uitleggen Tim. Want wat bedoelt Noud daar precies mee? Hoe werkt dat dan?

Tim: Met die faciliteiten bedoeld Noud denk ik dat Fairphone op zoek was naar financiering om de Fairphone 3 te kunnen gaan sourcen uit China. In China hadden zij daar een toeleverancier die telefoons ging produceren. Die telefoons moesten zij vooruit betalen voor een deel maar ook zijn die telefoons heel lang onderweg. Daar ging gewoon heel veel tijd overheen voordat je die telefoons hier in Nederland kan verkopen en dan het geld ook weer betaald krijgt uit die verkoop. Dus daar was financiering voor nodig en dat ging eigenlijk op verschillende manieren. Je hebt een soort letter of credit, eigenlijk een soort belofte van een bank aan de toeleverancier van als jij telefoons levert tegen bepaalde specs dan ga ik die betalen.

Folkert: Waarom was de DGGF dan nodig?

Tim: Nou, Fairphone was in die tijd best een spannend bedrijf. Ondanks dat de Fairphone 1 en 2 toch een verkoopsucces waren, waren er toch best dingen die er niet goed gingen. De Fairphone 2 ging ook best vaak stuk dus de resultaten van de Fairphone waren nog niet positief of waren toen weer negatief geworden na het eerste jaar. Dus dat vinden banken natuurlijk best wel spannend. En banken vinden het altijd fijn als ze zekerheden hebben dus onderpand.

Folkert: Het moet allemaal afgedekt worden die onzekerheden?

Tim: Ja, die bank gaat beloven aan die Chinese partij dat wij gaan betalen maar die bank denkt ook wel drie keer na voordat ze dat voor jou beloven. En zeker als ze naar de financiële cijfers van Fairphone keken zeiden ze dat willen wij helemaal niet voor jullie gaan beloven. Dus kan DGGF daar niet een rol in spelen.

Folkert: Hoe wist jij van DGGF, hoe zijn jullie met elkaar in contact gekomen?

Noud: Dat is voor mijn tijd dus de grap is dat Tim daar veel meer over weet dan ik.

Folkert: Hoe ging dat?

Tim: Dat was eigenlijk al best wel een tijdje ervoor. Halverwege 2017 hebben we voor het eerst contact gehad met Fairphone. En volgens mij ben ik iemand van Fairphone tegengekomen op een presentatie die we gaven bij Social Enterprise netwerk in Nederland, waar ook Fairphone aanwezig was. Die vertelde toen het verhaal over Fairphone en dat vond ik wel meteen echt interessant. Dat sluit namelijk heel goed aan wat de Dutch Good Growth Fund beoogt. En om misschien nog wat te zeggen over het Dutch Good Growth Fund, het is een fonds van de Nederlandse staat die Nederlandse MKB bedrijven helpt om te internationaliseren, vooral naar emerging markets. Dus dat kan zijn door te investeren in die landen, in een productie faciliteit, een fabriek daar. Maar het kan ook zijn partijen die importeren uit die landen, tenminste het deel waar ik voor werk. Dat paste daar heel goed bij. Fairphone die sourced natuurlijk uit veel opkomende markten: kobalt uit Afrika, goud uit Peru. Daar was meteen een mooie link en vooral die ambitie van Fairphone om die keten duurzamer te maken. Om voor betere werkomstandigheden te zorgen, zorgen dat het milieutechnisch allemaal beter gaat. En dat niet alleen voor hun eigen bedrijf te willen doen maar ook echt voor de hele sector, dat sprak ons enorm aan. Want dat is de impact die we ook zoeken. Aan de ene kant helpen we dus die Nederlandse ondernemer als de bank zegt dat ze het te risicovol vinden. Aan de andere kant willen we wel graag impact zien in die emerging markets. Dus hier kwam dat eigenlijk heel mooi samen.

Folkert: Waarom is deze financiering zo interessant voor jullie bij Fairphone, om de voor de hand liggende redenen of zijn er nog meer voordelen?

Noud: Er zijn twee componenten. De ene component is de letter of credit faciliteit. Laat ik het zo zeggen, ABN AMRO zou wel voor ons die belofte willen doen maar stel het is voor twee miljoen dan moeten wij eerst twee miljoen op hun rekening storten. En nu hebben wij een faciliteit dus dankzij die faciliteit hoeven we dat geld niet op de rekening te storten dus hebben we geen geld in onderpand, dat scheelt. Je hebt liever twee miljoen om aan dingen uit te geven dan dat het ergens geblokkeerd staat op een rekening, dat is een belangrijke. Maar we hebben ook de factoring faciliteit. En de factoring faciliteit betekent eigenlijk dat we debiteuren hebben. Dus wij verkopen telefoons aan Vodafone, Orange en Belsimpel in deze wereld. Maar dat geld krijgen we pas na 45 of 90 dagen. En met factoring krijg je dat vooruit betaald. Die faciliteit is ook een ABN AMRO faciliteit. Maar ook op die faciliteit daar heeft DGGF een garantie op gegeven zodat ABN AMRO die faciliteit ook aan ons wilde bieden. Dus eigenlijk beide faciliteiten hebben er met name mee te maken dat wij het geld/cash niet hebben en dat die faciliteiten ervoor zorgen dat we ondanks het geld niet hebben, dat we toch die leveranciers kunnen stellen of dat we toch dat cash krijgen door die debiteuren vooruit betaald te krijgen. Dus het heeft uiteindelijk allemaal met werkkapitaal te maken, met cash, om uiteindelijk weer onze kosten te kunnen maken.

Folkert: Nu ben jij de financiële man bij Fairphone en je hebt een verleden bij de ABN AMRO. Kwam daardoor deze constructie makkelijker bij elkaar? 

Noud: Nee, helemaal niet. Het is wel zo dat toen ik bij Fairphone kwam de faciliteit zag toen keek ik er wel naar met een bril van ABN AMRO. Het is een hele goede faciliteit maar er zitten ook wel een paar dingetjes aan die ik graag anders zou willen zien. En daar hebben we het ook over gehad en de faciliteit is ook in de loop der tijd iets aangepast in het voordeel van Fairphone. Uiteindelijk gaat het allemaal om het risico en het risico afdekken. En de risico’s werden met de jaren wat minder dus daar hebben we het over gehad. En ABN AMRO is ook bereid geweest om de faciliteit hier en daar wat aan te passen.

Folkert: Zou je het aanraden zo’n constructie met Tim en DGGF?

Noud: Ja, zeker weten. Het is een no brainer want je kan niet anders. Als je uiteindelijk als ondernemer geen bank weet te vinden die door alle risico hoepeltjes heen springt en eigenlijk zegt dat ze het niet doen, dan is RVO en DGGF gewoon een must om het toch voor elkaar te krijgen. Het is uiteindelijk een vrij groot argument om die bank toch over de streep te krijgen om jou die faciliteiten te bieden.

Folkert: Is er ook iets negatiefs aan dit verhaal?

Noud: Ja, alles heeft een prijs. Dus uiteindelijk betalen we. In die zin ben ik toch de klant want ik betaal uiteindelijk wel een fee aan zowel ABN AMRO en eigenlijk dus een extra fee ook aan DGGF. Alleen die is wel vrij marktconform en te dragen dus dat is geen probleem. Maar het liefst zou je natuurlijk hebben als ondernemer dat ABN AMRO zegt dat zij het risico dragen en dat ze geen garantie van RVO en DGGF bij want dat zou ons geld schelen. Dus uiteindelijk betaal je er wel voor.

Folkert: Tim, heb jij de mensen van Fairphone flink doorgezaagd voordat jullie deze samenwerking aan gingen?

Tim: Zeker. Het was ook ongeveer een jaar nadat we elkaar hadden ontmoet was er net een grote funding ronde geweest van equity investeerders. Die hadden zich toen eigenlijk gecommitteerd. En er was ook een grote crowdfunding campagne net gestart waar we uiteindelijk ook zagen dat ze 2,5 miljoen, de max op die site en volgens mij ook in Nederland, hebben opgehaald. Dus daar waren we eigenlijk al heel erg van onder de indruk. Dat liet al duidelijk zien dat er inderdaad een grote schaal van fans was.

Folkert: Want waar kijk jij naar? Wat zijn de kritiekpunten?

Tim: We kijken net zoals een bank, in die zin zijn we niet veel anders. We kijken naar de business case van het verhaal, is die goed onderbouwd, goede aannames, hoe ziet de financiële prognose eruit, hoe zien de financiën in het verleden eruit, wie is het management. Eigenlijk heel kort door de bocht zeg je ‘vent, tent, rendement’.

Folkert: Je wilt hem toch wel even in zijn ogen aankijken.

Tim: Jazeker, dat is ook belangrijk. Wat er daarnaast ook belangrijk is voor ons, daarin gaan we toch een stuk verder dan de bank, is de impact. De impact vooral in opkomende markten: worden er banen gecreëerd, vindt er kennisoverdracht plaats, gaat het beter worden qua milieu, dat soort zaken.

Folkert: Dat brengt ons ook bij de sustainable development goals. Want dat is belangrijk onderdeel in deze podcast. Hoe belangrijk zien die in jouw afweging om met bedrijven in zee te gaan, Tim?

Tim: We kijken inderdaad zoals gezegd naar die impact en tegenwoordig vertalen we die ook vaak inderdaad naar die sustainable development goals. En hier zie je natuurlijk een hele mooie bijdrage, vooral bijvoorbeeld aan het voor ons belangrijke sustainable development goal nummer acht: decent work and economic growth.

Folkert: Ja, waardig werk en economische groei in het Nederlands.

Tim: Ja, precies.

Folkert: Want die valt ook bij jullie, Noud?

Noud: Ja, dat is een van onze speerpunten. Al voordat de SDG’s er waren, waren wij al bezig met omstandigheden voor werknemers en vooral in de mijnbouw. Dus als je naar Congo en je gaat naar een kobaltmijn dan zijn daar heel veel kinderen tot hun knieën in de klei kobalt aan het hakken. En die mijn stort ook nog wel eens in en die kinderen moeten ook vooral naar school. Er gebeuren echt dingen die niet helemaal oké zijn. Dus daar doen wij programma’s die gaan alleen maar over een decent living. Maar tegelijkertijd heb je ook de fabriek in China waar die telefoons in elkaar worden gezet, daar hebben we ook allerlei programma’s. Wij hebben bijvoorbeeld een restrictie op manuren dus van ons mogen de mensen in de fabriek maximaal zestig uur per week werken. En als wij dat niet zouden doen dan werken zij er honderd. Het neigt een beetje naar moderne slavernij en daar hoort ook een living wage bij. Dus wat wij ook doen is per telefoon betalen wij wat extra zodat die mensen met die zestig uur ook een living wage krijgen. Waardoor ze ook gewoon rond kunnen komen. Het klinkt echt als een no brainer. Maar als je gewoon de verhalen hoort van andere fabrikanten en bedrijven en hoe die in China zaken doen en de uren die die mensen maken en het geld dat ze daarvoor krijgen en onder welke omstandigheden ze werken, dat is niet oké. En daar doen wij vrij veel programma’s op.

Tim: Ja, wat ons daarin ook heel erg aansprak is dat in China wordt heel veel gewerkt met audits. Je hebt natuurlijk allerlei keurmerken die sociale milieuzaken beoordelen. Dan is het vaak dat je een bepaalde audit moet kunnen behalen of doorstaan en dan kan je leveren aan een bepaalde partij. En als dat daarna mis gaat krijg je vaak een penalty. Je ziet dat dat systeem niet altijd goed werkt. Want vaak zijn die audits ook aangekondigd maar soms ook onaangekondigd, dat roept allerlei perverse prikkels op. Soms zijn er dubbele boekhoudingen. En wat wij zo mooi vonden aan Fairphone is dat zij juist zeggen laten we transparant bespreken wat de problemen zijn en hoe we die kunnen aanpakken en daar een gezamenlijk plan voor opstellen. En juist met een soort bonus werken. En zeggen wij vinden het belangrijk dat dit aangepast moet worden maar jullie moeten dingen ook belangrijk vinden. Dus bijvoorbeeld met werknemers surveys werken en ook zeggen dat die verbeterslagen we gezamenlijk gaan financieren. Dat is een heel ander model waar je ziet dat je daar de vruchten van kan plukken omdat het dan ook gewoon op een transparante manier gaat. En iedereen daar zich comfortabel bij voelt in plaats van dat je zegt je moet hieraan voldoen aan dit systeem dus doe het maar gewoon.

Folkert: In hoeverre heeft het echt impact? Want een druppel op een gloeiende plaat werd al gezegd. Wat zeg jij, Tim?

Tim: Je moet natuurlijk ergens beginnen. Je kan natuurlijk zeggen Fairphone levert 100.000 telefoons en dat is denk ik 0,001% van de wereldwijde markt. Maar ik denk wel degelijk dat Fairphone gewoon een bredere impact kan realiseren dan zij zelf aan telefoons verkopen. Zij kunnen echt een inspiratie zijn voor andere, grotere partijen. En dat zie je nu ook wel.

Folkert: Ja, gebeurt dat, Noud?

Noud: Ja, zeer zeker. Dus ik denk dat het allerbelangrijkste is. Onze volumes zijn inderdaad vrij klein maar uiteindelijk is het een lead by example fenomeen. Dat als wij aan de andere merken laten zien dat klanten het waarderen wat we doen, we laten het ook zien dat klanten het eigenlijk niet meer accepteren als je het niet goed voor elkaar hebt in die fabriek of mijn, dan gaan die merken uiteindelijk om. En je ziet het ook gebeuren.

Folkert: Kan je een voorbeeld noemen?

Noud: Je ziet nu heel veel andere telefoonmerken ook met eerlijke materialen in hun telefoon komen. Of dat nou recyclede kobalt is of gerecycled goud, zo zijn we ooit begonnen. Stop eerlijke metalen en mineralen in je telefoon. Daar zien we een volging in. Met werknemers nog niet, dus dat is denk ik een grote volgende stap. Dat kost ook gewoon heel veel geld voor ze. In ons volume kunnen wij mensen wat extra betalen. Maar als jij Samsung bent en je verkoopt 200 miljoen telefoons en dat doe je met duizenden werknemers en die duizenden werknemers moet je allemaal meer betalen, dan gaat het in de miljarden lopen. Dus daar zijn ze wat minder eager om ons meteen te volgen. Maar er komt gewoon een moment dat men het niet meer accepteert. Of dat nu de voetbalstadion in Qatar is of uiteindelijk de werkomstandigheden bij de werknemers in de Chinese fabrieken. Er komt gewoon een moment dat ze er niet meer mee wegkomen om mensen op een bepaalde manier te behandelen. En wij hebben dus aan de ene kant laten zien dat het anders kan. En aan de andere kant doen we ook aan awareness creëren bij consumenten van wat er gebeurt en zo wordt je telefoon in elkaar gezet en accepteer dat niet.

Folkert: Noud, wat is je grootste internationale business fuck up?

Noud: De grootste blunder, denk ik, is de covid impact, vind ik zelf. Want het begon in China en daar zitten wij. Daar werden mensen ziek en daar gingen de fabrieken dicht. En wij waren heel naïef door te denken om daar te blijven en dat die fabriek even dicht gaat en volgende week wel weer open zou zijn en dan gaan we weer verder. En een beetje zoals SARS ooit ontstond, dat bleef in Azië maar dat bleef dus niet daar. Dus achteraf denk je wel hoe naïef waren wij dat wij dachten deze wind waait wel over. Maar goed, een of twee maanden later kwam het Europa binnen en anderhalf jaar later zitten we er nog steeds mee.

Folkert: Nu zitten we er nog steeds middenin, ja. Wat is de belangrijkste business les die je daarvan hebt geleerd.

Noud: Ja, dat is ook een lastige. Je wilt uiteindelijk voorraad in je producten hebben, dat als er iets gebeurt in je supply dat je niet meteen out of stock bent en meteen je klanten niet meer kan leveren. Dat is een les. Aan de andere kant door covid hadden we ook geen geld en voorraad kost geld. Dat weet ook iedere ondernemer. Dus als je de telefoons hebt liggen dat is duur. Dus initieel gingen wij juist interen op onze voorraad om ook cash vrij te spelen en tegelijkertijd kwam nog eens een klap overheen dat de supply uitviel. Dus we hebben uiteindelijk een paar periodes gehad dat er wel vraag was naar ons product maar dat we geen voorraad hadden. En dat is natuurlijk heel pijnlijk, als de winkels dicht zijn en er zijn geen sales, dat is een. Maar als er dan weer sales zijn en vervolgens heb je geen product, dat is wel extra pijnlijk. Dus daar hadden we wel wat dingen anders kunnen doen.

Folkert: Wat zijn jouw drie belangrijkste internationale business tips? Voor de mensen die naar de podcast luisteren en die misschien ook wel over de hele wereld telefoons willen verkopen of iets anders.

Noud: Ja, je hebt lokaal mensen nodig dat is vrij duidelijk. Wij hebben echt in China in de fabriek waar onze telefoon wordt gemaakt, daar woont iemand tegen de fabriek aan die daar alles controleert en daar ook gewoon binnen wandelt. Tim had het al over audits maar het beste is gewoon dat je iemand hebt die gewoon alles hoort en ziet en ons daarover kan informeren.

Folkert: Een lokaal iemand, een Chinees iemand.

Noud: Jazeker, een lokaal iemand die natuurlijk wel helemaal aligned is met waar Fairphone voor staat. Die is goud waard voor ons. Ook het inspecteren van de kwaliteit van het product maar ook gewoon alle impact eisen die we hebben of die worden nageleefd, daar heb je gewoon een lokaal iemand voor nodig.

Folkert: Dus tip een: zorg voor een lokaal persoon.

Noud: Ja.

Folkert: Wat is je tweede tip?

Noud: De tweede tip is: steun niet teveel op contracten. Mijn les is wel dat je uiteindelijk moet zorgen dat je een mutual interest hebt en dat uiteindelijk wat goed is voor ons ook goed is voor hun.

Folkert: Hoe zorg je daarvoor?

Noud: Ja, door bijvoorbeeld financiële beloningen te geven op bepaalde dingen. Maar ze bijvoorbeeld ook niet te fel over de neus te trekken, dat ze uiteindelijk helemaal geen interesse hebben om jou bepaalde dingen te leveren. Want ze kunnen wel verplichtingen hebben maar als er uiteindelijk bijvoorbeeld voor hun geen geld valt te verdienen of ze hebben andere prioriteiten dan ressorteren ze het contract ook niet altijd.

Folkert: Dat is tip twee. Tip drie?

Noud: Tip drie is een beetje lastig met covid. Maar ik ben een groot fan van het persoonlijke contact. Ik ben nu ruim een jaar niet in Taipei geweest, ook niet in China geweest. Ik denk dat we ook wel terug kunnen zien dat de relatie met onze leveranciers en ook met werknemers toch minder wordt. Je kan wel heel erg virtueel met elkaar achter de computer gaan zitten. Maar ik denk dat wel dat issues die we met onze leverancier hebben gehad ook wel anders waren gelopen als we daar toch wel af en toe waren geweest. En ik heb ook af en toe echt gedacht moet ik dan maar twee of drie weken in quarantaine gaan zitten daar.

Folkert: Niet gedaan uiteindelijk?

Noud: Nee, omdat we ook hier in Amsterdam veel te doen hebben. En om dan drie weken in een hotel in China te gaan zitten werkt ook niet. Ik moet zeggen zelfs in Taipei heb je binnen Taipei allerlei quarantaine maatregelen waardoor onze medewerkers niet eens bij elkaar kunnen zitten en ook niet naar onze leverancier toe kunnen. Dus zelfs als ik daar had gezeten, had ik nog niet naar onze leverancier kunnen gaan. Dus het kon echt niet anders. Maar ik was altijd al een voorstander van face to face en na covid is toch maar eens gebleken dat je daar toch moet zijn. En je moet die relatie gewoon uitbouwen.

Folkert: Drie mooie business tips voor internationale ondernemers. De toekomst, waar sta je over vijf jaar met Fairphone?

Noud: Over vijf jaar zijn we misschien nog een stukje internationaler. Wat ik zei, we verkopen nu in vijftien landen in Europa. Er is natuurlijk genoeg vraag naar ons product ook bijvoorbeeld in Amerika. Maar dat is wel een behoorlijk avontuur. Maar wie weet zijn we tegen die tijd daar. Sowieso is onze volume vele malen groter, we zitten nu op 100.000 en tegen die tijd zitten we wel ergens tussen de 500.000 en de miljoen. En we hopen op nog meer navolging in onze impact programma’s. Dus we hebben bijvoorbeeld nu ook een samenwerking met Tesla, die ook geïnteresseerd is in eerlijke metalen en materialen voor in hun batterijen. Dus wij proberen ook meer en meer partners aan ons te verbinden die ook meer volume geven en meer power aan onze initiatieven. Met Tesla en andere partijen gaat dat helemaal de goede kant op.

Folkert: Wat is er voor nodig om dat ook echt te bereiken over vijf jaar?

Noud: Ja, eigenlijk vooral doorgaan met wat we aan het doen zijn. Ik denk dat we eigenlijk volledig op het pad zijn die kant op.

Folkert: Wat vul je aan op wat Fairphone oprichter Bas van Abel heeft opgebouwd, jij persoonlijk?

Noud: Ja, ik probeer heel erg winst, dus purpose en profit, te combineren. Fairphone had ooit wel zelfs, als we failliet gaan maar we hadden wel impact gemaakt dan is het ook goed. Daar probeer ik wel beetje een duw aan te geven van uiteindelijk willen we ook laten zien dat er een markt is voor een telefoon. En bij een markt voor eerlijke telefoons hoort ook dat je jezelf kan bedruipen, dat je je broek op kan houden en dat je ook uiteindelijk winst kan maken. Dus voor mij is de markt aantonen dat je met een fantastisch, eerlijk product ook een boterham kan verdienen, dat is voor mij het ultieme bewijs dat er een markt is voor eerlijke en duurzame telefoons.

Folkert: Het gaat goed met Fairphone. Jullie hebben best wel succes, draaien winst vertelde je eerder in de podcast. Hoeveel procent van dat succes heb je te danken aan jouw harde werk, je intelligentie, je doorzettingsvermogen en hoeveel gewoon aan geluk?

Noud: Het is sowieso niet te danken aan mijn intelligentie, laat dat duidelijk zijn. Want uiteindelijk zijn we ongeveer met honderd mensen bij Fairphone. Je hebt geluk nodig maar het zit hem vooral in het keiharde werk van de mensen bij Fairphone. En die zijn allemaal ontzettend gemotiveerd, intrinsiek gemotiveerd omdat iedereen die hier werkt vindt Fairphone een fantastisch bedrijf door de missie die wij hebben. En ze zouden allemaal overal kunnen werken maar zijn toch bereid om bij Fairphone te werken om ook die missie te ondersteunen. En ik zeg bereid want Fairphone is niet de beste betaler als dan bij een Sony of Samsung of Apple waar je ongetwijfeld meer verdient. Maar wij hebben heel veel mensen die hier echt graag willen werken om echt een verschil te kunnen maken. En dat is denk ik de grote kracht achter Fairphone.

Folkert: En dan tot slot Tim, hoe ziet de toekomst tussen DGGF en Fairphone eruit?

Tim: Dat klinkt misschien een beetje gek maar het mooie is dat er wellicht straks geen toekomst is meer met DGGF en Fairphone samen. En dat zal ik even uitleggen. Uiteindelijk is onze missie natuurlijk vooral om ervoor te zorgen dat banken dit alleen kunnen om te laten zien dat ook dit soort bedrijven uiteindelijk gefinancierd kunnen worden. En het gaat nu zo goed met Fairphone dat er voorzichtige gesprekken zijn met de bank om te kijken of ze niet zonder onze garantie kunnen. Dat is toch het mooie dat uiteindelijk Fairphone succesvol wordt, die impact realiseert en wij daar als Nederlandse staat niet meer voor nodig zijn.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *